Selectieve aanpassingen aanbrengen

Laatst bijgewerkt op 30 jan. 2026

Meer informatie over het aanbrengen van selectieve aanpassingen.

Selecteer op de startpagina van Photoshop op internet de optie Bestand uploaden en blader naar een bestand op uw apparaat.

Selecteer in het paneel Layers de optie Adjustment layers.

Selecteer in het paneel Adjustment layers een van de volgende aanpassingslagen:

  • Brightness/contrast: Past de lichtheid en donkerheid van een afbeelding en het contrast aan.
  • Kleurtoon/verzadiging: hiermee wijzigt u de kleurtinten en hun intensiteit voor algemene kleuraanpassingen.
  • Belichting: hiermee wijzigt u de belichtingsniveaus om een afbeelding lichter of donkerder te maken terwijl de details behouden blijven.
  • Levendigheid: hiermee verhoogt u de intensiteit van meer gedempte kleuren zonder dat dit invloed heeft op goed verzadigde kleuren.
  • Kleurbalans: hiermee past u de kleurniveaus van schaduwen, middentonen en hooglichten aan om kleurtonen te corrigeren.
  • Zwart-wit: hiermee converteert u kleurenafbeeldingen naar grijswaarden terwijl individuele kleurkanaalaanpassingen mogelijk zijn.
  • Niveaus: hiermee wijzigt u de helderheid en het contrast door de invoerniveaus van schaduwen, middentonen en hooglichten aan te passen.
  • Curven: hiermee wijzigt u het toonbereik en de kleurbalans met behulp van een curvegrafiek voor nauwkeurigere aanpassingen.
  • Effen kleur: hiermee vult u de aanpassingslaag met de huidige voorgrondkleur.

Pas de instellingen voor de geselecteerde aanpassingslaag aan met behulp van de schuifregelaars of besturingselementen in het deelvenster Eigenschappen.

Opmerking:

Selecteer Delete om de toegepaste aanpassingslaag te verwijderen.